Pianist, orkestleider en componist.
Geboren als Maderna, Osmar Héctor 26 februari 1918 (Pehuajó – prov. Buenos Aires).
Bijnaam: El Chopín Del Tango.
Overleden 28 april 1951 (Lomas de Zamora prov. Buenos Aires).
Inhoud
- Inleiding
- Muziekloopbaan
- Orquesta Típica Osmar Maderna
- Maderna als componist
- Eerbetoon aan Osmar Maderna
Gepubliceerd 6 mei 2026

Inleiding
Osmar Héctor Maderna werd in Pehuajó geboren, een landbouwdorp ten westen van Buenos Aires. Hij was het achtste van tien kinderen. Ángela María Nigro en Juan Maderna, de ouders, waren van Italiaanse afkomst. Kleine Osmar kreeg de liefde voor muziek van zijn vader mee die tijdens dorpsfeesten op zijn verdulera speelde, een kleine accordeon die migranten uit hun vaderland meebrachten.
Het was zijn moeder die hem piano liet studeren tegen de zin in van haar man die niet wilde dat zijn zoon muzikant werd. Maar de vooruitgang die Osmar toonde, overtuigde hem. Hij nam zijn zoon op 10-jarige leeftijd in zijn orkest op.
Osmar Maderna studeerde bij verschillende muziekdocenten in het bescheiden conservatorium Fontova maar lerares Leonilda Lugones de Azcona zette hem op het goede pad. Dat zou Maderna in zijn triomfantelijke uren ook erkennen: “Alles wat ik weet, heb ik aan haar te danken…” . In 1948 droeg hij zijn beroemde ‘Lluvia de estrellas’ op aan haar.
En of hij vooruitgang boekte: op zijn vijftiende behaalde hij zijn diploma als pianoleraar.
Osvaldo Fresedo doopte hem El Chopín del tango, vanwege zijn melodieuze stijl en zijn opwindende fantasierijke tango. Hij was niet de enige die inspiratie vond in de klassieke muziek.
Muziekloopbaan
Osmar Maderna richtte op zijn dertien het orkest Vitaphone [1] op met plaatselijke muzikanten waaronder violist Aquiles Roggero [2]. Ze toerden door de regio en oogstten veel succes.
De familie Maderna had het niet breed en op twintigjarige leeftijd besloot hij zijn geluk te beproeven in Buenos Aires. Aquiles Roggero, Arturo Cipolla en enkele anderen volgden mee.
Hij trad tot het orkest van Manuel “Nolo” Fernández toe en logeerde bij zanger Armando Moreno [3]. In oktober 1939 werd hij pianist in het orkest van Miguel Caló.
[1] – [3]
[1] Vitaphone bestond uit Aquiles Roggero en Arturo Cipolla op viool, José Figueras en Francisco Loggioco op bandoneon, Maderna zelf op piano, Alberto Luna op trompet en Diego Rodríguez op drums. De naam van het orkest was ter herinnering aan het platenlabel Vitaphone waarvan de platen Maderna bevielen.
[2] Aquiles Roggero (1913 Pehuajó – 1977 Buenos Aires) was pianist, orkestleider en componeerde een tiental tango’s. Dorpsgenoot van Osmar Maderna, zijn naam zal nog opduiken in dit artikel.
[3] Armando Moreno geboren als Armando Bassi (1921 Argentinië – 1990 Bogota, Colombia) was zanger. Hij zong vele jaren bij het orkest van Enrique Rodríguez.
La orquesta de las estrellas
Miguel Caló was op zoek naar een vervanger voor pianist Héctor Stamponi. Hij hoorde de jonge Maderna bij Radio Belgrano spelen en was onder de indruk van het niveau. Maderna zei meteen ja op het aanbod om bij Caló’s orkest te spelen.
De invloed van Maderna was groot. Caló vertrouwde hem onmiddellijk de muzikale arrangementen toe die later het handelsmerk van het orkest werden. Maderna legde de lat voor het orkest hoog met meesterwerken zoals ‘Sans Souci’ en ‘Saludos’. Zijn fraseringen met de linkerhand kregen een inventief karakter misschien wel refererend naar Chopin.

Orquesta Típica Miguel Caló met achteraan Osmar Maderna
Tijdens een optreden van het orkest leerde Maderna zijn toekomstige vrouw Olga Reneé Mazzei kennen. Ze trouwden in 1947.
Maderna werkte in het Orquesta De Las Estrellas samen met onder meer Armando Pontier, Domingo Federico, Eduardo Rovira en Enrique Francini. De stempel die hij op het orkest drukte, was zo groot dat zelfs na zijn vertrek de geest en muzikale architectuur behouden zijn gebleven. Tot vandaag blijft dit orkest veel bijval genieten op milonga’s.
Caló beleefde zijn hoogtepunt dankzij het dynamische en inventieve capaciteiten van zijn jonge leden. Die zouden later bijna allemaal hun eigen ensembles leiden. En dus ook Maderna die in 1945 Caló verliet.
Orquesta Típica Osmar Maderna
In 1945 besloot hij zijn vleugels uit te slaan en een duo te vormen met zanger Raúl Iriarte. Dat avontuur duurde niet lang want Iriarte keerde terug naar Caló. Maderna begon dan met een eigen orkest samen met onder meer violisten Roggero en Cipolla, zijn vroegere kompanen, Felipe Ricciardi als eerste bandoneonist en de zangers Orlando Verri en Luis Tolosa. Het orkest debuteerde in mytisch Café Marzotto in de Calle Corrientes. Dat gaf hem zelfvertrouwen en hij verfijnde zijn muziek met een eigen stijl en persoonlijke frasering.
Het orkest ontwikkelde een klank tussen Caló en Fresedo in. Bovendien koos Maderna voor een repertoire met klassieke nummers zoals ‘El baqueano’ , ‘Qué noche’ , ‘Charamusca’ , ‘El pillete’ , ‘La cautiva’ , ‘Aromas’ , ‘El marne’ , ‘Loca bohemia’ , ‘El rodeo’ , ‘Ojos negros’ en ‘El bajel’ , maar ook eigen composities.

Orquesta Osmar Maderna 1947
Osmar Maderna had naast tango ook een passie voor luchtvaart, net als zijn oudere broer Ángel en Osvaldo Fresedo en behaalde zijn brevet als burgerpiloot. Op 28 april 1951 raakte hij tijdens het uitvoeren van luchtacrobatiën een ander vliegtuig. Beide vliegtuigen stortten neer nabij de vlieghaven van Parque Municipal de Lomas de Zamora. Osmar en zijn medepassagier overleefden de klap niet.
Osmar was slechts 33 toen hij overleed. Hij had toen al 52 nummers opgenomen en in twee films gespeeld: ‘El idolo del tango’ (1949) en ‘Al compás de tu mentira’ (1950). Hij stond op het punt om naar Noord-Amerika te reizen en daar met zijn orkest op te treden. Wie weet wat hij nog allemaal zou verwezenlijkt hebben.
Osmar Maderna als componist
In de periode dat Maderna bij Caló speelde, componeerde hij veelbetekenende nummers als ‘La noche que te fuiste’ (met Catunga Contursi), ‘En tus ojos de cielo’ (met Luis Rubistein), ‘Que te importa que te llore’ , ‘Jamás retornarás’ en de wals ‘Luna de plata’. De tangowals ‘Pequeña’ met tekst van Homero Expósito werd typerend voor Caló.
Hij ging voluit met rijke fantasie in ‘Concierto en la luna’ , ‘Lluvia de estrellas’ en ‘Escalas en azul’ , nummeres die later internationaal bekend werden toen ze door Noord-Amerikaanse bands werden uitgevoerd. Een befaamd hoogstandje was het piano-arrangement in ‘El vuelo del moscardón’ , wat verwijst naar beroemde thema van Rimsky Korsakoff.
Uitgebreide lijst composities op pagina 2
filmfragment ‘El idool del tango’ 1949
Eerbetoon aan Osmar Maderna
Tango’s aan hem opgedragen:
- ‘Adiós maestro’ componist Aquiles Roggero, tekst José Rótulo, versie van Sánchez Gorio canta Luis Mendoza beluister
- ‘Para Osmar Maderna’ gecomponeerd en uitgevoerd door Miguel Caló 1963 beluister
- ‘Notas para el cielo’ componist Orlando Trípodi, versie van Miguel Caló 1969 beluister
Orquesta Símbolo Osmar Maderna
Na het fatale vliegtuigongeluk van Osmar Maderna in 1951 bleven zijn medemuzikanten onder leiding van Aquiles Roggero samen spelen onder de naam Orquesta Símbolo Osmar Maderna. Orlando Trípoli verving Maderna aan de piano. Dit orkest was actief tot 1960 en nam in 1968 nog enkele nummers op.
Voor de fanaten
Biografie en basis van dit artikel (Spaans) tangosalbardo
Meer over Orquesta Símbolo Osmar Maderna (Spaans) tangoradioymashistorias